FilamaT Oeverbeschoeiing van dun glasvezelbeton. Eenvoudig te plaatsen, lange levensduur, ecologisch verantwoord!

Montage

1. De schoeidelen worden geleverd op eenmalige pallets. De pallets moeten op een vlakke en stabiele ondergrond worden geplaatst. De schoeidelen hoeven niet vocht- en vorstvrij te worden opgeslagen, omdat ze volledig vocht- en vorstongevoelig zijn.

2. De palen worden als eerste langs de waterlijn uitgelopen. Met draad en jalons wordt langs de oever de beschoeiingslijn uitgezet. Hierlangs worden de palen op een afstand van 600 mm onder een helling van 10:1 in de richting van het talud (hellend achterover geplaatst). Het verdient aanbeveling om met een mal te werken, zodat de palen precies op de juiste afstand staan, waardoor ze bij het monteren probleemloos in de golven passen.

3. De palen worden gewoonlijk met de bak van een kraantje gedrukt. Afhankelijk van de grondgesteldheid kunnen palen ook met een trilblok, een spuitlans of handmatig met een voorhamer worden geplaatst. Als de palen zijn gezet kunnen de schoeidelen worden uitgelopen.

4. De schoeidelen worden achter de palen (aan de taludzijde) in de grond gedrukt. Ook dit kan handmatig, maar geschiedt meestal met de bak van een kraantje. Leg op het schoeideel een houten balkje om eventuele beschadiging te voorkomen tijdens het drukken. De minimale insteekdiepte in de ondergrond is afhankelijk van de grondgesteldheid. Voor advies kunt u contact met Fydro opnemen.   

5. De palen en de schoeidelen worden op 5 à 10 cm uit de bovenkant geboord 1), waarna ze met slotbouten aan elkaar worden bevestigd. Ter vergemakkelijking kunnen de palen al voor plaatsing worden voorgeboord.

6. Op de schoeidelen en de palen wordt een houten de sloof gemonteerd, die met houtdraadbouten op de koppen van de palen wordt bevestigd. De dek sloof maakt de constructie buigstijver en geeft de beschoeiing aan de bovenzijde een extra bescherming. Indien esthetisch gewenst kan voor de beschoeiing nog een extra gording worden aangebracht, zoals te zien is op de foto hiernaast.

7. Na het plaatsen van de schoeidelen wordt met grond de beschoeiing aan de achterzijde aangevuld. Bij het aanvullen met een kraantje dient overmatige stootbelasting, waardoor de constructie te zwaar wordt belast, te worden voorkomen. In verband met het inklinken van de grond moet de aanvulling ca. 10 tot 20 cm boven de beschoeiing worden aangebracht.

8. Doorvoeren kunnen ter plaatse gemaakt worden met een gatenzaag of decoupeerzaag ¹. Glasvezelbeton is uitermate hard, zodat zaagtanden van diamant het beste resultaat geven. Eendentrappen om jonge watervogels veilig aan wal te kunnen laten komen zijn ook leverbaar.

¹⁾ Bij het bewerken van materialen waarbij stof ontstaat, dienen voldoende beschermende maatregelen getroffen te worden, zoals bijvoorbeeld het dragen van een stofmasker